Algemene informatie

Wat is slokdarmkanker?

Slokdarmkanker is een kwaadaardig gezwel (tumor) in de slokdarm. Deze tumor kan door de wand van de slokdarm naar andere organen of de lymfeklieren groeien. U krijgt vaak pas klachten nadat de tumor zich heeft uitgebreid.

lees meer

Sluiten

Wat is slokdarmkanker?

Slokdarmkanker is een kwaadaardig gezwel (tumor) in de slokdarm. Deze tumor kan door de wand van de slokdarm naar andere organen of de lymfeklieren groeien. U krijgt vaak pas klachten nadat de tumor zich heeft uitgebreid.


Diagnosefase

Diagnose-onderzoek

Over de diagnosefase bij slokdarmkanker

Nadat uw huisarts u naar het ziekenhuis heeft verwezen, krijgt u een afspraak bij de maag-, darm- en leverarts (MDL-arts) of internist. Deze arts heeft de uitslagen ontvangen van de onderzoeken die de huisarts bij u heeft gedaan. De MDL-arts of internist wil weten hoe het met u gaat en welke klachten u heeft. Verder bespreekt hij/zij met u welke onderzoeken nog nodig zijn om vast te stellen waar de tumor zich precies bevindt, hoe ernstig deze is en of er sprake is van uitzaaiingen. De meeste patiënten met de diagnose slokdarmkanker worden verwezen naar het Slokdarm Maag Centrum Oost Nederland (SMACON). 

over het newerk SMACON

Sluiten

Over de diagnosefase bij slokdarmkanker

Diagnose-onderzoek

Aanvullende onderzoeken

Na de afspraak bij de MDL-arts of internist krijgt u mogelijk nog enkele onderzoeken. 

Echo-endoscopie

Met een echo-endoscopie kan de arts zien hoe ver de tumor door de wand van de slokdarm heen is gegroeid. Dit onderzoek is niet altijd nodig. U hoort van uw arts of dit onderzoek wel of niet wordt uitgevoerd.

lees meer

Sluiten

Echo-endoscopie

Met een echo-endoscopie kan de arts zien hoe ver de tumor door de wand van de slokdarm heen is gegroeid. Dit onderzoek is niet altijd nodig. U hoort van uw arts of dit onderzoek wel of niet wordt uitgevoerd.

Een echo-endoscopie is een inwendige echo van uw slokdarm. Dit onderzoek combineert een endoscopie met een echografie. Een andere naam voor echo-endoscopie is endo-echografie. 

Het echo-apparaat zit in een lange dunne staaf die de arts via uw mond in de slokdarm brengt. Vanuit de slokdarm zendt het apparaat geluidsgolven uit en vangt die vervolgens weer op. De arts kan zo zien hoe ver de tumor door de slokdarmwand heen is gegroeid. Ook kan de arts zo de lymfeklieren van uw slokdarm bekijken.

Voor een endo-echografie moet u nuchter zijn. Soms krijgt u voor het onderzoek een slaapmedicijn.

PET-CT-scan

Een PET-CT-scan is een gecombineerd onderzoek. PET staat voor positron emissie tomografie. CT staat voor computer tomografie.

naar pagina

Punctie

Bij een punctie prikt de arts met een dunne naald in het afwijkende weefsel en zuigt cellen of vocht op. Een patholoog onderzoekt deze cellen in het laboratorium.

lees meer

Sluiten

Punctie

Bij een punctie prikt de arts met een dunne naald in het afwijkende weefsel en zuigt cellen of vocht op.

De MDL-arts kan een punctie doen vanuit de darm tijdens een scopie. Een punctie kan ook van buitenaf uitgevoerd worden, dus met een naald door de huid. De arts, meestal een radioloog, kijkt dan met behulp van een echografie of CT-scan waar het beste geprikt kan worden om een stukje van het afwijkende weefsel te verzamelen.

Vervolgens onderzoekt de patholoog de cellen in het laboratorium. Hij of zij kan dan zien of het om goedaardig of kwaadaardig weefsel gaat. Ook kan de patholoog verder onderzoek doen om na te gaan welke behandeling gegeven kan worden. 

Multidisciplinair overleg (MDO)

Een MDO is een overleg waarbij verschillende zorgverleners samen bespreken welke behandeling voor u het beste is.

lees meer

Sluiten

Multidisciplinair overleg (MDO)

Multidisciplinair team

De meeste patiënten met (verdenking op) kanker krijgen bij onderzoek en behandeling te maken met meerdere afdelingen en specialismen. Bij elke patiënt werkt een team van verschillende zorgverleners en deskundigen samen. Dit wordt een multi­disciplinair team genoemd. De samenstelling van een multi­disciplinair team verschilt per soort kanker. 

Wat is een MDO?

Een MDO is een overleg van het multi­disciplinair team (van een bepaalde soort kanker). Een MDO wordt ook wel een patiënten­bespreking genoemd. Nadat de onderzoeken (bijna) klaar zijn, kunt u besproken worden in een MDO. Na een eventuele operatie, bij de start van een nieuwe behandeling of wanneer er bijzondere problemen zijn, kan het team u opnieuw bespreken in een MDO.

Wat gebeurt er tijdens een MDO?

Tijdens het MDO bespreekt het team de uitslagen van de onderzoeken en stelt het een diagnose. Soms is hier nog extra onderzoek voor nodig. Het MDO geeft vervolgens een advies over de voor u beste behandeling. Hierbij wordt rekening gehouden met uw leeftijd, medische voorgeschiedenis, kenmerken van de kanker en, waar mogelijk, uw eventuele wensen. Soms bespreekt het team ook in welk ziekenhuis de behandeling het beste plaats kan vinden. 

U bent zelf niet aanwezig bij het MDO. Het is een medisch overleg waarin meerdere patiënten worden besproken. Bij uw eerste afspraak na het MDO bespreekt uw zorg­verlener het advies uit het MDO met u. Samen kiest u vervolgens welke behandeling het beste bij u past. Soms is niet behandelen ook een mogelijkheid. 

Van het MDO wordt een verslag gemaakt. Dit verslag komt in uw medisch dossier. Ook uw huisarts wordt hierover geïnformeerd.

Lokaal en regionaal MDO

Er zijn lokale en regionale MDO’s. Een lokaal MDO is een overleg met zorgverleners uit uw eigen ziekenhuis.

Een regionaal MDO is een overleg met zorgverleners uit meerdere ziekenhuizen in de regio. Dit overleg gebeurt vaak via een videoverbinding. Bij een regionaal MDO doen vaak ook zorg­verleners van een gespecialiseerd centrum mee. Dit kan een topklinisch ziekenhuis of universitair medisch centrum zijn.

Afhankelijk van uw situatie wordt u besproken in een lokaal MDO, een regionaal MDO of in beide overleggen. Als u een zeer zeldzame aandoening heeft, dan kan het zijn dat uw zorgverlener ook met ziekenhuizen buiten de regio overlegd.

Wanneer u in een regionaal MDO wordt besproken, worden in uw belang uw medische gegevens gedeeld met andere ziekenhuizen. Als dit bij u het geval is, bespreekt uw zorg­verlener dit van tevoren met u. Op de pagina Samenwerking in de regio: wat betekent dat voor u als patiënt? leest u hier meer over.

Foto: Een lokaal MDO in Ziekenhuis Gelderse Vallei.

Uitslagfase

Gesprek met de arts

Intakegesprek chirurg en casemanager

Op de polikliniek Heelkunde maakt u op vrijdagochtend kennis met een medisch specialist (chirurg). Hij of zij bespreekt een aantal onderwerpen met u. lees meer

Sluiten

Intakegesprek chirurg en casemanager

Op de polikliniek Heelkunde maakt u op vrijdagochtend kennis met de casemanager, chirurg en eventueel de radiotherapeut.

Afspraak met de casemanager

De casemanager Heelkunde Oncologie begeleidt patiënten met oncologische aandoeningen. Uw casemanager draagt zorgt voor uw afspraken en eventuele onderzoeken. Daarnaast is de casemanager uw aanspreekpunt bij vragen en problemen. De casemanager is van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 17.00 bereikbaar op (024) 361 38 08 of via casemanagers.heel@radboudumc.nl. 

De casemanager draag zorg voor de verwijzingen naar de radiotherapeut en oncoloog indien voorbehandeling in het Radboudumc. Indien u verwezen bent vanuit het Rijnstate en bestralingsinstituut dan wordt u daar opgeroepen. Na de voorbehandeling neemt de casemanager contact met u op voor de vervolgafspraken met de chirurg, anesthesist, fysiotherapeut ongeveer 4-6 weken na de laatste bestraling. De operatie zal 8-10 weken na de laatste bestraling in het Radboudumc plaatsvinden.

Afspraak met de chirurg en/of radiotherapeut

De specialist bespreekt de volgende onderwerpen met u:
  • Uw ziektegeschiedenis en uw medische gegevens.
  • Bevindingen lichamelijk onderzoek.
  • De ziekte slokdarmkanker en de mogelijke behandelingen.
  • Uw wensen en levensinstelling
  • Aanvullend onderzoek (indien nodig)

Bestraling in Arnhem

Let op: als u in Ziekenhuis Gelderse Vallei, Slingeland Ziekenhuis of Rijnstate onder behandeling bent, dan krijgt u een oproep voor bestraling bij de Radiotherapiegroep. We bespreken met u op welke locatie de behandeling zal plaatsvinden.

lees meer over de Radiotherapiegroep

Behandelfase

Doel van de behandeling

Doel van de behandeling

Slokdarmkanker wordt in veel gevallen pas laat ontdekt. Vaak is de tumor dan al groot of uitgezaaid. Het doel van de behandeling kan verschillend zijn: curatief (op genezing gericht) of palliatief (op klachten vermindering gericht). Soms wordt ervoor gekozen de kanker niet meer te behandelen. Dan richt de begeleiding zich op verminderen van eventuele klachten en op kwaliteit van leven.

  • Wanneer de behandeling op genezing gericht is, noemen we dat een curatieve behandeling.

    lees meer


    Sluiten

    Curatieve behandeling

    Bij 4 van de 10 patiënten die slokdarmkanker krijgen is een behandeling mogelijk die gericht is op genezing.

    Meestal bestaat deze behandeling uit een combinatie van chemotherapie met bestraling (chemoradiatie) gevolgd door een operatie aan de slokdarm. Soms kan ook alleen chemotherapie met bestraling gegeven worden (definitieve chemoradiotherapie). Deze behandeling kan niet bij iedereen en hangt onder andere af van de uitgebreidheid van de kanker en uw conditie.


  • Sluiten

    Palliatieve behandeling

    Het kan zijn dat genezen van de slokdarmkanker niet meer mogelijk is. Als er bijvoorbeeld uitzaaiingen zijn. Of omdat u niet fit genoeg bent. U kunt er ook zelf voor kiezen om niet intensief behandeld of geopereerd te worden.

    In dat geval kunt u vaak wel kiezen voor een behandeling waardoor u mogelijk langer leeft. Dit heet een palliatieve behandeling. Het doel van deze behandeling is om zo min mogelijk klachten te ervaren met een zo goed mogelijke kwaliteit van leven; en indien mogelijk langer te leven.

Wel of niet (doorgaan met) behandelen

Het helpt om te praten met uw partner, kinderen, vrienden, arts of verpleegkundige over wat u belangrijk vindt en wat uw wensen en grenzen zijn.

lees meer

Sluiten

Wel of niet (doorgaan met) behandelen

Het helpt om te praten over wel of niet (doorgaan met) behandelen, bijvoorbeeld met uw partner, kinderen, vrienden, arts of verpleegkundige. Het is goed om met hen te praten over wat u belangrijk vindt en wat uw wensen en grenzen zijn. U kunt hier ook u met uw huisarts over praten.

De meeste behandelingen bij kanker hebben bijwerkingen. Het is belangrijk om samen met uw arts te kijken of de voordelen van een behandeling groter zijn dan de mogelijke nadelen.

U kunt op elk moment besluiten om te stoppen met een behandeling als deze bijvoorbeeld te zwaar wordt voor u of steeds minder goed werkt. Misschien wilt u niet (meer) naar het ziekenhuis of vindt u andere dingen belangrijker.

Keuzehulp

Wilt u hulp bij het nadenken over wensen voor zorg en behandeling? Gebruik dan de keuzehulp op op de website thuisarts.nl.

Samen beslissen

Een operatie, medicijnen of toch liever nog even wachten? Door­behandelen of stoppen? Vaak zijn er meerdere opties, maar welke past het beste bij u?

naar pagina

Behandeling afhankelijk van de uitslag

Geen slokdarmkanker

Als uit de onderzoeken blijkt dat u geen slokdarmkanker heeft, bespreekt de arts met u het vervolg.


Sluiten

Geen slokdarmkanker

Slokdarmkanker zonder uitzaaiingen

Als er geen uitzaaiingen zijn kunnen chemo­radiotherapie en/of een operatie mogelijke opties zijn. 

naar pagina

Sluiten

Slokdarmkanker zonder uitzaaiingen

Slokdarmkanker met uitzaaiingen

Een behandeling gericht op genezing is niet mogelijk. Wel kunt u kiezen voor een behandeling met chemo­therapie, immuno­therapie of doelgerichte therapie om langer te blijven leven in een zo goed mogelijke conditie.

lees meer

Sluiten

Slokdarmkanker met uitzaaiingen

U heeft een tumor in de slokdarm en er zijn uitzaaiingen. Een behandeling gericht op genezing is niet mogelijk.

Wel kunt u kiezen voor een behandeling met chemo­therapie, immuno­therapie of doelgerichte therapie om langer te blijven leven in een zo goed mogelijke conditie. Uw oncoloog kan met u bespreken welke behandelingen voor u mogelijk zijn.

Er zijn ook mensen die er voor kiezen om alleen klachten te behandelen, maar dan zonder chemotherapie. De keuze hangt onder andere af van uw conditie en uw persoonlijke wensen.

Alleen klachten verminderen

Als een operatie, chemotherapie of bestraling niet mogelijk is, of als u deze behandelingen niet wilt ondergaan, dan kunt u met uw arts bespreken wat voor andere behandeling bij u past en voor uw situatie geschikt is.

Bij alle behandelingen staat voorop dat we proberen om uw klachten te verminderen. Dit kunnen bijvoorbeeld pijnklachten zijn. Ook kan uw arts of verpleeg­kundige u adviezen geven over hoe u om kunt gaan met bijvoorbeeld problemen met eten, vermoeidheid of gevoelens van angst en somberheid. Uw huisarts speelt hier ook een belangrijke rol in.


Sluiten

Alleen klachten verminderen

Geen behandeling

U kunt er ook voor kiezen om helemaal geen behandelingen (meer) te ondergaan. We zullen dan samen met u kijken door wie en waar u het beste begeleid kunt worden.


Sluiten

Geen behandeling

Aanvullende informatie

Bestraling bij slokdarmkanker

Met uitwendige bestraling bij slokdarmkanker willen we ervoor zorgen dat u beter kunt slikken. Ook willen we de groei van de tumor afremmen.

lees meer

Sluiten

Bestraling bij slokdarmkanker

Met uitwendige bestraling bij slokdarmkanker willen we ervoor zorgen dat u beter kunt slikken en de groei van de tumor afremmen. Hoe vaak u moet komen hangt af van meerdere factoren. Bijvoorbeeld, de klachten die u heeft, de plek waar de tumor zich bevindt, de uitgebreidheid van de tumor en uw algehele conditie. Het aantal bestralingen kan daarom variëren van 1 tot maximaal 17. Wanneer u meerdere bestralingen krijgt, plannen we deze op achtereenvolgende werkdagen. Elke bestralingsbehandeling duurt 10 tot 15 minuten. Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft liggen. Binnen enkele weken na de bestraling kunt u beter slikken.

Tijdens de bestralingen kunnen bijwerkingen optreden, die meestal tijdelijk zijn. 
De meest voorkomende zijn:

  • Passageklachten. Tijdens de behandeling kunnen deze klachten tijdelijk toenemen. 
  • Pijnklachten in de keel of in de slokdarm.
  • Misselijkheid en braken. 
  • Vermoeidheid: Het helpt om rust te nemen en voldoende te bewegen. Probeer uw dagelijks activiteiten in rustig tempo te doen, te ontspannen en afleiding te zoeken.
  • Huidirritatie: door de bestraling kan de huid rood en/of droog worden. Ga tijdens en enkele maanden na de behandeling niet de zon in met het bestraalde gebied.
  • Op langere termijn kan er littekenvorming (stenose) van de slokdarm ontstaan. Hierdoor kan eten weer wat lastiger zijn. 

Als u last krijgt van bijwerkingen, bespreek deze dan met uw behandelend arts. Vaak is er iets aan de klachten te doen.

Stent plaatsen

Als u slokdarmkanker heeft en opereren, bestralen of chemotherapie niet meer mogelijk is en u problemen ervaart om eten door te slikken, dan kunnen we een voedingsbuisje in uw slokdarm plaatsen. Dit heet een stent. lees meer

Sluiten

Stent plaatsen

Als u slokdarmkanker heeft en opereren, bestralen of chemotherapie niet meer mogelijk is en u problemen ervaart om eten door te slikken, dan kunnen we een voedingsbuisje in uw slokdarm plaatsen. Dit heet een stent of endoprothese.

De stent wordt tijdens een endoscopie langs de tumor in de slokdarm geplaatst. Hierdoor kan het eten weer door de slokdarm heen.

U krijgt bij deze behandeling medicijnen die u slaperig en minder gevoelig voor pijn maken. Deze vorm van anesthesie wordt in de volksmond ook wel een ‘roesje’ genoemd. De medicijnen worden via een infuus toegediend. Het doel hiervan is om u met zo min mogelijk angst en ongemak een onderzoek of ingreep te laten ondergaan. Hoewel u in de meeste gevallen slaapt tijdens het onderzoek bent u niet onder algehele narcose. Het is dan ook goed mogelijk dat u zich achteraf nog zaken kunt herinneren. Tijdens het roesje worden uw hartslag, bloeddruk en ademhaling in de gaten gehouden.

Immunotherapie

Immunotherapie is een verzamelnaam voor behandelingen tegen kanker waarbij uw eigen afweersysteem wordt gestimuleerd om de kankercellen aan te vallen.

Doelgerichte therapie

Doelgerichte therapie (‘targeted therapy’) is een behandeling bij kanker. Doelgerichte therapie probeert de groei van de tumor tegen te gaan. De behandeling richt zich vooral op de kankercellen zelf. Er zijn veel soorten doelgerichte therapie. Ze werken allemaal verschillend maar hebben hetzelfde doel: het remmen van de signalen waardoor de kanker kan groeien.

Enkele andere behandel­mogelijkheden

Er zijn enkele andere behandelmogelijkheden die bij slokdarmkanker gegeven kunnen worden. 

lees meer

Na de behandeling

Als de stent geplaatst is, kan uw maagzuur gemakkelijker terugvloeien naar uw slokdarm. U kunt hierdoor last krijgen van zuurbranden en oprispingen. lees meer

Sluiten

Na de behandeling

Als de stent geplaatst is, kan uw maagzuur gemakkelijker terugvloeien naar uw slokdarm. U kunt hierdoor last krijgen van zuurbranden en oprispingen. Zuurbranden is een branderig, drukkend of krampachtig gevoel achter het borstbeen. Meestal kunnen we het verhelpen met medicijnen die de productie van maagzuur remmen. Blijft u klachten houden of ontstaan er opnieuw klachten? Overleg dan met uw arts. 

Pijnstilling

De tumor in de slokdarm kan pijn doen, maar ook de uitzaaiingen. Bespreek dit met uw arts en vraag om pijnstillers.

lees meer

Sluiten

Pijnstilling

Slokdarmkanker kan pijn veroorzaken. De tumor in de slokdarm kan pijn doen, maar ook de uitzaaiingen. Bespreek dit met uw arts en vraag om pijnstillers. 

U kunt pijnstillers op verschillende manieren gebruiken. Bijvoorbeeld via de mond in tabletten, maar ook via de anus als zetpil of met pleisters.

U begint met paracetamol, soms in combinatie met een NSAID, zoals ibuprofen of naproxen. Werkt dat niet genoeg, dan krijgt u een sterk werkende opioïd, bijvoorbeeld morfine.

Werken deze middelen niet goed genoeg, dan kan de arts een hogere dosis voorschrijven. Ook kunnen er andere type pijnstillers gestart worden. Soms kan bestraling van een pijnlijke uitzaaiing ook de pijn verminderen. Als de pijn lastig onder controle te krijgen is dan kunt u verwezen worden naar een pijnspecialist.

Wat kan ik zelf doen

Er zijn ook dingen die u zelf kunt doen om klachten te verminderen.

lees meer

Sluiten

Wat kan ik zelf doen

Fit de operatie in

Hoe fitter u een eventuele operatie in gaat, hoe beter u de operatie uit komt. Veel mensen worden zwakker en zijn afgevallen voordat ze weten dat ze alvleesklierkanker hebben.

Adviezen

  • Voor de behandelingen adviseren we patiënten om hun conditie op te bouwen naar 2 maal daags minimaal 30 minuten wandelen of fietsen
  • Als u rookt, adviseren wij u te stoppen
  • Fit4Surgery (fit voor chirurgie) is een programma van het Radboudumc voor patiënten die daar een operatie krijgen
     

    Doel is om in een zo goed mogelijke conditie te komen voorafgaand aan de operatie. Dit heet prehabilitatie. Tijdens het programma bent u bezig met fysieke trainingen, gezondere en aanvullende voeding, mentale begeleiding en begeleiding bij het stoppen met roken of drinken van alcohol

Voeding

Tijdens uw behandeling speelt voeding een belangrijke ondersteunende rol:

  • We willen weten of en hoeveel u bent afgevallen. Als u veel gewicht heeft verloren, heeft u namelijk meer kans op problemen na de operatie
  • Ook bij chemotherapie is de juiste voeding belangrijk. De diëtist geeft u daarom adviezen over wat u kunt eten om zo sterk mogelijk te zijn.  Als u weer naar huis gaat, krijgt u ook een afspraak met de diëtist om adviezen voor uw voeding thuis te bespreken

Tips en adviezen

Tips en adviezen over eten vindt u op:

Nazorgfase

bij slokdarmkanker

Websites met aanvullende informatie

Op de volgende websites vindt u aanvullende informatie over uiteenlopende onderwerpen die mogelijk relevant voor u zijn.

lees meer

Sluiten

Websites met aanvullende informatie

Op de volgende websites vindt u aanvullende informatie over uiteenlopende onderwerpen die mogelijk relevant voor u zijn.


Werk en kanker

Een overzichtskaart met belangrijke vragen over werk en bij wie u terecht kunt voor meer informatie.